Verduidelijking vanuit de IKF over het toepassen van § 3.11c van de spelregels: het nemen van een strafworp.

Sinds 1 september 2017 is de nemer van een strafworp verplicht om te schieten. Doet hij dat niet dan wordt dat beschouwd als een overtreding van § 3.6g: het verbod om het spel op te houden (het bewust negeren van een duidelijke schotkans). Gevolg: een spelhervatting voor de andere ploeg op de plaats van de nemer van de strafworp.

Zodra de bal de handen van de nemer van de strafworp heeft verlaten wordt die handeling geacht een schot te zijn. Wordt er niet geschoten in de richting van de korf, dan is dat een overtreding.

De spelregelcommissie van de IKF (PRC) heeft gemerkt dat er verwarring is ontstaan over de vraag in welke situaties de bal de handen van de nemer van de strafworp wel of niet heeft verlaten; zij heeft aan deze verwarring nu een einde gemaakt, door de woorden “duidelijk zichtbaar” toe te voegen aan de toelichting op § 3.11c.

Indien er niet in de richting van de korf wordt geschoten is het van belang te weten wanneer er sprake is van “duidelijk zichtbaar”.

Dat kan met de volgende voorbeelden worden verduidelijkt:

Duidelijk zichtbaar:

* de nemer van de strafworp werpt de bal naar een medespeler;
* de nemer van de strafworp stuitert de bal op de vloer, legt de bal voor zich op de vloer of gooit de bal omhoog.

Gevolg: een overtreding van § 3.6g.

Niet duidelijk zichtbaar:

* de nemer van de strafworp draait de bal rond in zijn handen.

Dit is een handeling die vooraf gaat aan de opdracht tot schieten; het ronddraaien van de bal is dus geen overtreding van § 3.6g.

Logo Korfbal League klein

Korfbalcompetitie

KCC/SO natural 1 speelt thuis op zaterdag 25 november 2017 tegen PKC/SWKGroep 1 om 19:30 uur in sporthal Schenkel.

KCCWebshopvierkant

Zoeken

Sponsorclub

Social media

Follow KCCkorfbal on Twitter

Livestream

Partners

algemeen

Advertenties